In het flatgebouw is een verbod op “korte termijn verhuur (AirBnB)” ingevoerd. De uitbater van de AirBnB is daarvan op de hoogte gesteld door de syndicus. Hij antwoordde echter dat hij dat een schending van zijn rechten als eigenaar vindt, en dat hij gewoon zal blijven verder doen.
De syndicus had eerst gezegd dat, indien het verbod genegeerd zou worden, hij het zou kunnen afdwingen via de vrederechter. Nu zegt hij dat het toch niet mogelijk is. De mede-eigenaars van wie het appartement praktisch onbewoonbaar geworden is door de geluidsoverlast, zouden zelf naar de vrederechter moeten stappen.
Er worden in het gebouw voor andere overtredingen wel overlast boetes gegeven. Kan dit niet voor AirBnBs, per dag dat ze open blijven?
7 Antwoord
Nogmaals dank voor uw advies. En voor de gemoedsrust, te weten dat de rechters altijd geoordeeld hebben dat een verbod op AirBnB’s geldig is.
Gewoon ter info:
Ik heb de syndicus gevraagd om op de volgende vergadering te laten stemmen voor het geven van een mandaat om een procedure te starten. Op de oproeping voor de volgende algemene vergadering staat:
Beslissing juridisch draagvlak verwijderen/verbod AirBnB’s: [naam syndicus] mogelijkheid geven tot inschakelen advocaat/Vrederechter
>> Beslissing van de algemene vergadering met volstrekte meerderheid van stemmen.
De eigenaar is ook op de hoogte gesteld, niet aangetekend, maar hij heeft gereageerd, dus ik veronderstel dat dat ook telt als ontvangstbevestiging. Hij zegt dat er geen overlast is, dat het gewoon normale leefgeluiden zijn. En dat zijn advocaat zegt dat het verbod in het RIO ingaat tegen het recht op eigendom. Het zou namelijk nog altijd gaan over bewoning, de termijn is gewoon iets korter dan bij LT verhuur.



