Verleent Art. 577-5, § 3 BW de syndicus de mogelijkheid om zo maar een advocaat naar zijn eigen keuze aan te stellen in geval van een hardleerse wanbetaler ?
Bij wanbetaling van een mede-eigenaar kan de syndicus op grond van Art. 577-5, § 3 BW tal van gerechtelijke en buitengerechtelijke maatregelen nemen tot betaling van openstaande vorderingen. Betekent dat ook dat de syndicus ZONDER INSPRAAK van de VME, dus zonder een (B)AV, zo maar een advocaat naar zijn keuze kan aanstellen om de wanbetaler te dagvaarden en in een aanslepende gerechtelijke procedure te vervolgen?
Het honorarium van een mogelijks ‘syndicus-bevriende’ advocaat en allerlei gerechtelijke- en deurwaarderskosten moeten de andere mede-eigenaars immers onverwijld voorschieten via het werkkapitaal. In het uiterste geval blijven die procedurekosten zich opstapelen tot zelfs jaren later, soms wel tot ná de (eventuele) uitwinning bij verkoop van het Apt.!
Nota bene: Het syndicuscontract of RIO vermeldt niet de naam van een advocaat desgevallend optredend voor de VME; onvoldoende mede-eigenaars zijn bereid om een BAV af te dwingen.
4 Antwoord
Stel een agendapunt op dat uw syndicus verplicht CvR (en uzelf) regelmatig op de hoogte houden van het incasso met voldoende details.
In principe hoort bij eindejaarsrekening het nominatief vermelden van de ME’s met schulden en het bedrag ervan.



