- Begrijp ik het correct : de nieuwe appartementswet bestaat uit drie luiken : de basisakte – het reglement van mede-eigendom – het huishoudelijk reglement (een filter van het reglement van mede-eigendom) ; de wijzigingen die voor 01.09.2014 mochten aangebracht worden hebben alleen betrekking op het reglement van mede-eigendom. Is dat zo ?
- Moeten de “vernieuwde” gecoördineerde statuten ook overgeschreven worden in de registers van de bevoegde hypotheekbewaarder, zodat ze ook tegensprekelijk zijn aan derden en dus ook aan alle mede-eigenaars ? Zo ja : binnen welke termijn ? Hoe kan een mede-eigenaar deze inschrijving controleren ?
- Wat als de “aanpassingen” aan de Wet van 02.06.2010 niet correct ingevuld zijn of onvoldoende weergegeven ? Hoe kan een mede-eigenaar daarop reageren ?
Met belangstelling en dank uw antwoord tegemoetziend.
11 Antwoord
In het Burgerlijk Wetboek vindt u onder :
Hoofdstuk III Mede-eigendom
de artikelen 577-2 tot en met 14 die hierover gaan.
Dit gedeelte wordt algemeen beschreven als “appartementswet” of als “appartementsmede-eigendom”, etc.
•
In art. 577-4 § 1 wordt gesproken over : basisakte en reglement van mede-eigendom, in § 2 over reglement van orde.
Enkel in artikel 19 van dezelfde wet van 2 juni 2010 duikt plots uit het niets de term ”huishoudelijk reglement” op.
(Homerus quoque dormiebat)
•
Het staat de ME’s steeds vrij aan de AV voor te stellen om om het even wat te veranderen, mits de geëigende procedure gevolgd wordt.
•
Een aangepaste gecoördineerde tekst moet uiteraard eerst voorgelegd worden aan de AV en door haar goedgekeurd.
Het is dan ook enkel deze goedgekeurde tekst die zal neergelegd worden.
Een verstandige syndicus voegt de, in de vergadering goedgekeurde tekst, als bijlage toe aan het verslag van deze vergadering.



