6 Antwoord
Handboek voor professioneel of zelfbestuur van de vereniging van mede-eigenaars : praktische gids voor de syndicus
Roland Timmermans Uitgeverij Kluwer
ISBN 9789046547465
blz. 551
- Zowel artikel 577, § 1, 1° c) als artikel 577-8/1 van het Burgelijk Wetboek stelt dat de raad van mede-eigenaars enkel uit mede-eigenaars kan bestaan.
Het begrip mede-eigenaars moet evenwel als een generieke term worden opgevat, zodat alle houders van zakelijke rechten op een kavel onder deze categorie vallen, dus zowel de alleeneigenaars, de onverdeelde mede-eigenaars en de blote eigenaars als de houders van een beperkt recht van erfpacht, opstal, vruchtgebruik, gebruik of bewoning op een kavel (1044).
Elke persoon aan wie er zeggenschappsrechten zijn toebedeeld op de algemene vergadering, kan met andere woorden deze rechten ook effectueren in de raad van mede-eigendom, bijvoorbeeld onverdeelde eigenaars van een kavel (1045).
Daarentegen kan een buitenstaander geen lid worden van de raad van mede-eigendom, ook niet de partner van een mede-eigenaar.
Dit verbod mag niet worden omzeild door het verstrekken van een volmacht, daar een volmacht alleen kan worden verstrekt met het oog op het uitoefenen van het stemrecht op de algemene vergadering, dus niet met het oog op specifieke functies.
……………………………………….
Door zijn verkiezing in de AV neemt de ”vruchtgebruiker” dan ook regelmatig deel aan de RvME.
”Hij neemt ook allerlei initiatieven op eigen houtje.”
Dit is een probleem van een ganse andere aard.
Hij is gebonden aan de beperkingen van het wetsartikel (opdracht, ¾ meerderheid, één jaar).
Wij vermoeden dat de syndicus dan zijn stilzwijgende medewerking verleent ?
B.W. Art. 577-8 § 5
maakt dit onmogelijk.



