In een appartementsgebouw zo’n 50 jaar geleden in gebruik genomen, zijn de quotiteiten toegekend uitsluitend op basis van de grondoppervlakte. Daardoor hebben sommige garages (bakstenen muren , chape, enkel 1 stopcontact en 1 plafondlamp) , meer quotiteiten dan een aantal volledig voor bewoning uitgeruste studio’s. De garages bevinden zich bovendien aan de straatkant, de studio’s hebben een uniek en oninneembaar uitzicht op een tuin en een grote wateroppervlakte. Wat de verdeling van de (renovatie)kosten betreft, een bepaald onrechtvaardige situatie. Hoe kan deze situatie worden rechtgetrokken , zodat bij de (her)verdeling van de quotiteiten ook rekening wordt gehouden met de ligging en de bestemming ?
11 Antwoord
Nuttige informatie, toch wel: de waarde van de quotiteiten garages verminderen voor betaling van kosten en lasten. Struikelsteen zullen echter vaak wel de notariskosten zijn voor actering. “Kosten op het sterfhuis” , zullen niet weinig mede-eigenaars vinden.
Maar bijkomende vraag : welk aandeel aan ieder privatief deel is verbonden wordt bepaald op basis van de respectieve waarde van de PRIVATIEVE delen, netto-vloer-oppervlakte , ligging en bestemming van het privatief...Zijn die quotiteiten ook representatief voor het aandeel in de totale grondoppervlakte? Praktisch: het betreft een domein van een kleine 20 are 24 ca. Het gebouw beslaat ong.1/3 daarvan. Vooraan is een parking, gedeeltelijk in privé-eigendom(9 parkeer-plaatsen) , de rest gemeenschappelijk. Achteraan een grote tuin/grasveld , zo’n 40 % van de totale oppervlakte. Hoe zit dat eigenlijk ?



