Ooit werd op een ruimte – die gemeenschappelijk is – een bijkomende plaats afgetekend, en door de toenmalige syndicus/mede-eigenaar verhuurd als MOTO-staanplaats.
De moto is al jaren weg, de ruimte wordt niet meer verhuurd, maar ze wordt door één van de eigenaars ingenomen als autostaanplaats (en overschrijdt daarmee ook de afbakening op de vloer).
Enkele jaren geleden werd mijn aandacht daarop getrokken (ik ben niet-inwonend commissaris), en heb ik samen met enkele medebewoners daartegen gereageerd, zonder succes.
Vorig jaar is er op de AVME beslist dat die “staanplaats 15” niet bestaat (ze wordt ook niet vermeld in de basisakte, maar de syndicus heeft ze in Dobby als eigendom van de gemeenschap vermeld), en dat ze moest ontruimd worden.
Ze is enige tijd ontruimd geweest, maar nu staat de wagen er terug.
Wij zouden deze ruimte willen afbakenen om een grotere fietsenstalling te maken.
Op welke wijze maken wij de beslissing van de AVME “hard”.
Aan de syndicus werd – al twee maal – gevraagd om dat misbruik te beteugelen; hij zou “een bericht sturen”.
De misbruiker is de voorzitter van de VME.
1 Antwoord
en
Indien de VME / AV een rechtsgeldig besluit neemt , duidelijk omschreven in de notulen dan is die ‘staanplaats 15’……een fietsberging.
Neem dat besluit op in het RIO met de ’to do and not to do’



