13 Antwoord
Een en ander is mij nog niet duidelijk. Hierna alles op een rijtje en een extra vraag:
- totale uitgave vernieuwing terrassen 60.000€
- beslissing AV om 50% ( 30.000€) uit RF te nemen en de rest apart op te vragen aan alle kavels minus het GLV
- het GLV heeft een quotiteit van 50/1.000sten
- hoeveel moet het GLV terugkrijgen en door wie moet dit betaald worden?
Mvg, Danny
De eigenaar van het GLV moet niets terugkrijgen en moet niets betalen , zijn aandeel in het reservefonds blijft wat het is en blijft gekoppeld aan zijn kavel.
Het is namelijk zo dat :
de syndicus houdt voor elke kavel het totaal van de jaarlijkse
stortingen bij(via boekhouding), dat deel reservekapitaal hoort bij die kavel.
Alle gespaarde bedragen van alle kavels samen vormt het reservekapitaal (fonds).
Stel: er zijn grote kosten aan het gebouw en het reservefonds moet aangesproken worden.
De syndicus zal deze kosten verdelen zoals bepaald in
het reglement van mede eigendom: volgens de aandelen
of het nut of een combinatie van beiden.
Zo zal voor elke kavel zijn bijdrage berekend worden en vervolgens
zal in de boekhouding het nieuwe saldo reservekapitaal voor
elke kavel berekend worden dat blijft kleven aan de kavel.
De suggestie van mevr.Clabots om deelreserves in functie van bijdrageplichtingen in te voeren is helemaal niet nodig en maakt het alleen maar ingewikkelder.
aanvullend :
Indien u een professionele syndicus heeft dan zal deze een boekhoudprogramma hebben dewelke voor elke eigenaar en zelfs voor elk kavel (appartement, parking, berging) het gespaarde reservekapitaal netjes bijhoudt. Het is op die manier niet nodig om aparte reservekapitalen op aparte fysieke rekeningen aan te leggen, dit kan makkelijk op 1 spaarrekening aangezien de achterliggende verdeling is vastgelegd in een lijst in de boekhouding van de VME, dewelke op elk moment kan geconsulteerd worden.
Indien er bepaalde werken dienen gefinancierd te worden met dit spaargeld, dan dient dit te worden beslist op een algemene vergadering. Tegelijkertijd wordt daar ook de kostenverdeling van deze werken beslist. De syndicus zal vervolgens volgens de afgesproken verdeling het geld ‘opnemen’ uit elk spaarpotje. (bv. voor liftwerken wordt er niets uit de spaarpot genomen van de gelijkvloerse kavels, enkel uit de spaarpotjes van de appartementen op verdiep, wat logisch is want de desbetreffende factuur zal ook enkel aan de appartementen op verdiep aangerekend worden).
Op deze manier is het probleem volledig achterhaald. Het enige probleem wat er op termijn kan overschieten is dat de spaarpotjes van sommige kavels op den duur ‘op’ is terwijl andere nog veel spaarpot overhebben. Maar zelfs dat hoeft geen probleem te zijn. Immers kan men dan nog steeds beslissen om bv. dakwerken te financieren met het resterende spaargeld. De factuur van de dakwerken zal in de afrekening verdeeld worden en de resterende spaargelden op elk spaarpotje zal bij de juiste eigenaar in mindering gebracht worden. Voor zij met een lege spaarpot zal de afrekening dus zwaarder zijn dan voor zij die nog spaargeld hadden staan.



