Als rekeningcommissaris moet ik adviseren de jaarrekening al dan niet goed te keuren.
Boekjaar 2024-2025 zijn er 9500 euro aan advocaatkosten, waar geen voorafgaande goedkeuring door de raad/stemming door de AV geweest is, nadat de syndicus op eigen houtje tot 3x toe een ander kantoor heeft aangesteld, eerst om de statuten aan te passen (reeds met unanimiteit gestemd in 2022 doch de eerste advocaat had destijds nog niet afgerekend in afwachting uitvoering minnelijke schikking), dan om de statuten na te lezen door Equator, daarna omdat ik als rekeningcommissaris de aan mij toevertrouwde 2 volmachten niet mocht gebruiken, ook al was mijn echtgenoot lasthebber van onze quotiteiten, omdat we met onze 164/1000 meer dan 10% van de stemmen hadden (verkeerde interpretatie van de 10%regel!) op een Herhaalde AV met maar 3 aanwezigen van de 11 eigenaars. Aanvechten bij de vrederechter resulteerde op een derde advocaat die van het voorgaande niks afwist en zich terug moest informeren bij de eerste advocaat… die op haar beurt haar eindafrekening doorstuurde in het laatste boekjaar.
Nu worden de advocaatkosten verdeeld over ALLE mede-eigenaars, ook de 3 eisers, terwijl dit weliswaar geldt voor de voorschotten maar niet voor de definitieve afrekening aangezien deze zaak eerstdaags nog moet voorkomen voor de rechtbank. Hoe moet dit worden genotuleerd en/of in de boekhouding vermeld (wachtrekening?) anders wordt dit definitief na 4 maanden volgend op de AV?
NB (of tweede punt) De afrekening gebeurt nog steeds volgens de onaangepaste statuten (ook al is met eenparigheid gestemd in de AV van 3 jaar geleden om de quotiteiten recht te zetten). De statuten zijn niet aangepast omdat de oorspronkelijke notaris dit weigerde (nadat hij inzage kreeg in het dossier met vaststelling van zijn beroepsfout: mee helpen creëren (hiervoor zelf volmacht gegeven in de statuten aan zijn eigen notarisklerk) van een bijkomend pand op het gelijkvloers NADAT de verdiepingsappartementen reeds verkocht waren, zonder hieraan quotiteiten of kosten in de gemene delen aan toe te kennen, dus de statuten niet aan te passen aan de realiteit.De notaris kreeg hiervoor al een blaam van de provinciale en nationale kamer der notarissen maar dat blijft bij een deontologische straf). Nu leest ik van Meester Coppens (Theoma) dat deze nieuwe kostenverdeling al had moeten toegepast worden vanaf de unanieme stemming?



